Doorwerken in Coronatijd – #2 Interview met Reinier Schot, Dierenpension Ter Aalst

Hennie van de Kar interviewt Brabantse ondernemers over doorwerken in coronatijd. Reinier Schot, eigenaar van Dierenpension Ter Aalst in Den Hout, blikt samen met zijn vriendin Marika terug op de stilte in het honden- en kattenpension toen Nederland massaal thuis ging werken. Zo beleefden ze voor het eerst in het zeventienjarig bestaan van hun pension dat er geen enkele pensionhond of – kat bij hen verbleef. 

Wanneer drong de ernst van corona tot jullie door?
“Dat was al enkele weken voor de bewuste persconferenties. We hebben namelijk familie in Oostenrijk. Zij hielden ons op de hoogte van de toestand daar, met onder andere de sluiting van skigebied Ischgl. Natuurlijk hadden we geen idee wat ons precies te wachten stond, maar de ernst kwam dichterbij. Na een nachtje slecht slapen en prakkiseren, hebben we op dat moment al preventief onze werkwijze aangepast.”
 
Hoe pasten jullie je werkwijze aan?
“Dat had te maken met de hondenontvangst. Tot die tijd vond het brengen en halen van de honden plaats in een vrij kleine binnenruimte. Door het plaatsen van buitenhekken en een statafel konden we voortaan de honden en hun eigenaren buiten ontvangen. Klanten reageerden verbaasd. ‘Ga je een drankje erbij schenken?’ vroegen ze. Inmiddels zijn ze er aan gewend en houden we het zo.” 
 
Wat gebeurde er na de eerste persconferenties?
“Het regende annuleringen. Zowel van mensen die hun hond normaal gesproken naar de dagopvang brengen als van mensen die hun vakantie in het water zagen vallen. We beleefden vanaf 16 maart voor het eerst in zeventien jaar dat er geen pensiondieren bij ons verbleven. We waren flabbergasted en gingen meteen in de crisisstand.”
 
In de crisisstand… wat hield dat in?
“De belangrijkste vraag die ons bezighield was, wat kunnen we doen om te overleven? Waar liggen de mogelijkheden om de kosten te drukken? We hebben een team van dertien medewerkers, niet allemaal fulltime maar toch. Voor hen was er per direct geen werk meer. We hebben zelfs kort overwogen om hun dienstverbanden op te zeggen, maar dat hebben we uiteindelijk niet gedaan.” 
 
Hoe kwamen jullie tot die keuze?
“Een gesprek met onze accountant – in wie we een rotsvast vertrouwen hebben – gaf de doorslag. Want als het straks weer aantrekt, kunnen we de opvang niet meer alleen runnen zoals we ooit begonnen zijn. En dat de situatie zich op een bepaald moment herstelt, staat vast. Corona gaf ons het inzicht dat de keuze van klanten voor ons pension voor een groot deel samenhangt met de vrijetijdsbesteding van mensen. Een huisdier kan vaak niet mee op reis, dan is ons pension een uitkomst.”
 
Wat waren de vervolgacties?
“Het akelige is dat je bij een virus als corona niet ziet wie de vijand is; het is onzichtbaar. We weten wel dat een goede ventilatie en goede hygiëne het verschil kunnen maken. Daarom stelden we een uitgebreide lijst op met zaken in het pension die meerdere keren per dag schoongemaakt moeten worden om besmetting te voorkomen. Als je erover nadenkt, is het ongekend wat je op een dag allemaal aanraakt. Verder hebben we gebruik gemaakt van overheidsregelingen voor personeel. Fijn dat die regelingen er zijn. Hoewel je als ondernemer niet bij de eerste beste tegenslag zielig moet doen na vele gezonde jaren, geven die regelingen wel vertrouwen. Om de medewerkers van alles op de hoogte te houden, namen we verschillende videoboodschappen voor hen op. Op die manier konden ze zelf zien hoe leeg en stil het hier was. Verder zijn we de tering naar de nering blijven zetten. Zo zijn we doorgegaan met het aanleggen van nieuwe vloeren in onze kattenverblijven. Die klus stond al gepland. Ofwel, schouders eronder en door.”
 
We zijn bijna een kwartaal verder, hoe kijk je terug en hoe is het nu?
“Hoewel de stilte bevreemdend was, hebben we ook van de rust genoten. Wekenlang was het niet alleen rustig met de dieren, maar hoorden we ook geen tractoren in de omgeving of verkeer van de A59. Zo’n pas op de plaats is best lekker, maar dan moet je vooraf weten dat het daarna weer normaal doorgaat. Die zekerheid was er natuurlijk niet. Gelukkig zien we vanaf de tweede week in juni verbeteringen. De eerste aanmeldingen komen weer binnen, hoewel we ook nog steeds annuleringen ontvangen voor de vakantieopvang. Gek genoeg weten nieuwe klanten ons juist nu te vinden. Wellicht omdat normaal al lang op onze website staat dat we in de zomerperiode volgeboekt zijn. We vragen klanten die nog een reservering hebben uitstaan om ons te informeren over het doorgaan van hun plannen. Zo willen we voorkomen dat we straks onnodig “nee” moeten verkopen terwijl er nog plaats is. Dat kunnen we ons niet permitteren.”
 
Hoe hebben klanten gereageerd?
“Ontzettend attent! Sommigen wilden zelfs de opvang blijven doorbetalen zonder er gebruik van te maken. Dat aanbod – hoe lief ook - hebben we overigens niet aangenomen.”
 
Hoe zijn jullie gestemd over de toekomst voor jullie bedrijf? 
“Corona heeft gefungeerd als eyeopener. We hebben ervaren dat we kwetsbaar zijn omdat een groot deel van onze boekingen samenhangt met de vrijetijdsbesteding van diereneigenaren. Juist omdat een vakantie voor veel mensen heilig is, zijn we positief gestemd over het herstel. Wel blijven we continu nadenken – gesteund door branchevereniging Dibevo - over wat we nog meer kunnen doen om de veiligheid van mensen en dieren te vergroten. Het plaatsen van warmtecamera’s is een serieuze optie die we onderzoeken. De vraag is, hoe ver ga je. Zo lang er geen vaccin is, blijft het onzeker en leven we met elkaar onder een soort van stolp. We moeten bewust blijven van het gevaar en tegelijkertijd relativeren. De ondernemers die overleven, zijn – volgens de theorie van Darwin – de mensen en bedrijven die zich het snelste aanpassen aan gewijzigde omstandigheden. En dat proberen we dan ook te doen.”
 
Het interview met Reinier Schot behoort tot de interviewserie Doorwerken in Coronatijd. Een initiatief van tekstschrijfster Hennie van de Kar. Deze interviews met Brabantse ondernemers zijn ook terug te vinden als artikel op https://www.linkedin.com/in/hennievandekar/.